PSEUDOCREOBOTRA WAHLBERGII
De bloemenbidsprinkhaan is het perfecte voorbeeld van waarom KA’AETÉ geen verzameling ‘mooie dieren’ wordt. Haar vorm, houding en jachtstrategie hebben alleen betekenis in relatie tot prooi, achtergrond en schuilstructuur.

Exacte soortfoto: Pseudocreobotra wahlbergii. Bron: Wikimedia Commons, CC BY 4.0.
Ambush predator
Wacht, positioneert en grijpt wanneer prooi binnen bereik komt.
Camouflage & herkenning
Laat zien dat ‘niet opvallen’ afhangt van achtergrond, licht en de waarnemer.
Pas in een volwassen voedselweb
Predatoren volgen pas wanneer prooipopulaties aantoonbaar stabiel zijn.
Een bloem met poten?
Soms zie je eerst een kleur of vorm en pas later het dier. Dat is precies waarom goed kijken zo leuk is: het bos kan je hersenen voor de gek houden.
Camouflage werkt alleen voor een bepaalde kijker.
Een prooi en een mens nemen niet noodzakelijk dezelfde kleuren, patronen of bewegingen waar. Camouflage is dus geen vaste eigenschap, maar een relatie tussen dier, achtergrond en waarnemer.
Predatie verandert gedrag in het hele systeem.
De aanwezigheid van een predator kan de activiteit, rustplek en ruimtekeuze van prooidieren veranderen. Daardoor beïnvloedt een predator meer dan alleen aantallen: hij verandert ook het landschap van risico.
