MICROPROOI • DECOMPOSERS • VROEGE FASE

Actuele voedselweblaag: Moina, Aulophorus furcatus, Dero digitata en Chironomidae blijven vast. Grindalworm blijft alleen als externe voercultuur en is geen vaste bewoner van KA’AETÉ.

HET ONZICHTBARE BUFFET

Moina, Aulophorus furcatus, Dero digitata en Grindalworm zijn klein genoeg om makkelijk te missen, maar groot genoeg om een voedselweb op gang te helpen. Ze verwerken materiaal én vormen voedsel voor grotere bewoners.

MOINA

Levende microprooi

Kleine planktonische kreeftachtigen die een directe voedselbron kunnen vormen voor kleine vissen en andere jagers.

AULOPHORUS & DERO

Wormen in detritus

Kleine aquatische oligochaeten benutten organisch rijk materiaal en verbinden afbraak aan hogere trofische niveaus.

GRINDALWORM

Terrestrische prooiroute

Kleine wormpjes kunnen in de bovenwereld een vergelijkbare rol spelen als energierijke prooi voor kleine predatoren.

KA’AETÉ

Eerst de basis

We bouwen prooipopulaties vóórdat roofdieren afhankelijk van die voedselbron worden toegevoegd.

Ontdekken

Wie eet de kleinste dieren?

Sommige dieren zijn zo klein dat je ze bijna niet ziet. Toch kunnen zij het ontbijt zijn van een visje of spin.

Verdiepen

Een voedselweb begint niet bij de grootste dieren.

Microprooi zet bacteriën, algen en detritus om in biomassa die grotere dieren kunnen eten. Daardoor wordt energie doorgegeven.

Doorgronden

Prooiproductie bepaalt draagkracht hoger in het web.

Predatoren kunnen alleen duurzaam bestaan wanneer de productie van prooibiomassa hun consumptie kan bijhouden. Daarom is prooidichtheid een systeemeigenschap, geen los voerschema.

← TERUG NAAR DE SOORTENATLAS